
2025 in een notendop
een overzicht
Het KNMI-klimaatdashboard toont nu ook de verandering in temperatuurextremen. Zoals het aantal vorstdagen of de laagste temperatuur per jaar. De opwarming van de aarde gaat gepaard met een snelle afname in koude extremen in de winter en een toename van warme extremen in de zomer. Zo warmt de koudste dag per jaar bijna twee keer zo hard op als de gemiddelde temperatuur.
Tweehonderd jaar geleden vond in Nederland de grootste natuurramp van de negentiende eeuw plaats. Van 3 tot 5 februari 1825 zorgde een noordwesterstorm in combinatie met springtij voor grote overstromingen rond de Zuiderzee en daarbuiten van het Deense Nordfriesland tot aan Vlaanderen. In Nederland kostte de ramp 379 mensen en tienduizenden dieren het leven en zorgde voor veel schade in vooral Friesland en Overijssel. Wat was de aanleiding voor deze ramp en wat waren de gevolgen? Lees het hele artikel hier.
Maart 2025 verbrak records: met gemiddeld over het land 247 uren zon was het de zonnigste maart sinds tenminste 1965. Het was – op onze automatische weerstations – ook de droogste maart sinds het begin van de metingen in 1906. Gemiddeld over het land viel ongeveer 6 millimeter neerslag tegen 53 millimeter normaal. Het verschil tussen de maximum- en minimumtemperaturen was zeer groot. In Eelde werd -6,7°C gemeten in de nacht, maar in Beek werd het ook 22,8 °C.
Natuurbranden trokken in april veel aandacht. Bijvoorbeeld de branden op de Eder Heide op 3 april en in de Loonse en Drunense Duinen op 12 april. In de afgelopen vijftig jaar is het weer in Nederland veranderd. Vooral de zonnigere lentes met drogere lucht hebben de kans op natuurbranden vergroot. Dit blijkt uit een studie van het KNMI naar de historische kans op natuurbranden in Nederland.
Lees meer over natuurbranden en klimaatverandering in dit artikel.
Klimaatsatelliet EarthCARE was in mei één jaar in de ruimte. Met vier sensoren verzamelt EarthCARE belangrijke gegevens over (de interactie tussen) wolken, fijnstof, zonnestraling en warmtestraling. Hierdoor krijgen wetenschappers een beter begrip van de atmosferische samenstelling op klimaatverandering. Het KNMI is sinds het begin van deze eeuw betrokken bij de ontwikkeling van EarthCARE.
De Atlantische oceaanstroming (AMOC), waar de Golfstroom onderdeel van is, lijkt een stuk instabieler te zijn dan tot voor kort werd gedacht. Onderzoek van onder andere het KNMI laat zien dat in veel klimaatmodellen de AMOC al voor 2100 een kantelpunt bereikt en daarna zal stilvallen. Bij een afzwakking van de Golfstroom wordt Europa het buitenbeentje van de opwarmende aarde: hier zal het dan namelijk minder hard opwarmen dan op andere plekken, of zelfs kouder worden, vooral in de winter. En dat terwijl de rest van de wereld opwarmt. Het onderzoek naar de AMOC blijft een actueel onderwerp in de klimaatwetenschap. Zo doen we bij het KNMI onderzoek naar temperatuur- en neerslagveranderingen onder verschillende AMOC-scenario's.
Juli begon met een hittegolf waarvoor code oranje actief was. Het was de vroegste code oranje voor hitte die we hebben afgegeven. Op 1 juli werd het maar liefst 35.5 °C. Een periode van hitte als deze is bijna 3°C warmer geworden en de kans op deze temperaturen is ongeveer vijf keer groter geworden, sinds het begin van onze metingen in 1901. Dat blijkt uit een attributiestudie van het KNMI.
In de nacht van 13 augustus is vanaf de Europese ruimtebasis in Kourou, Frans-Guyana, de eerste MetOp Second Generation (MetOp-SG) succesvol gelanceerd. Deze geavanceerde weersatelliet, ontwikkeld door de ESA in samenwerking met EUMETSAT, gaat een belangrijke bijdrage leveren bij het maken van weersverwachtingen en het in kaart brengen van luchtvervuiling. De satelliet werd op een Ariane 6-raket van de ESA de ruimte in gestuurd. Het KNMI is samen met andere Nederlandse partners al tientallen jaren nauw betrokken bij deze missie.
Lees meer over de MetOp-SG in dit hoofdstuk.
Luchtvervuiling is het grootste milieugezondheidsrisico voor de mens. Het tast niet alleen onze longen aan, maar het beïnvloedt ook het klimaat: vervuilende stoffen versterken de opwarming van de aarde. In Nederland wordt de lucht de laatste jaren steeds schoner. Vooral in steden is de luchtkwaliteit sterk verbeterd. Maar in veel Afrikaanse steden neemt de vervuiling juist snel toe. Twee keer per jaar houdt het KNMI, samen met GLOBE Nederland, een meetcampagne voor scholieren om satellietmetingen van luchtvervuiling beter te leren begrijpen. Dit najaar deden het eerst ook scholen in Ghana mee. Lees meer over de meetcampagne in dit artikel.
In oktober was er veel stormachtig weer, zowel in Nederland als wereldwijd. De restanten van orkanen Humberto en Imelda trokken begin oktober richting Europa en zorgden als storm Amy voor veel neerslag in Nederland. Op 23 en 24 oktober gaven we code oranje voor storm Benjamin. Vooral in het noorden kwamen er meldingen van stormschade. Rond Caribisch Nederland was Categorie-5 orkaan Melissa een van de sterkste orkanen ooit. Melissa richtte eind oktober een enorme ravage aan in onder andere Jamaica, met windsnelheden boven de 250 kilometer per uur. Naarmate de aarde verder opwarmt zien we in klimaatmodellen vaker restanten van tropische orkanen Europa bereiken in september en oktober. Lees meer hierover in dit onderzoek.
Bij Zeerijp vond op 14 november de op twee na zwaarste aardbeving in het Groningenveld ooit gemeten plaats, met een magnitude van 3,4. Deze beving werd gevolgd door twee naschokken. Een paar uur na de hoofdschok trad een naschok met een magnitude van 2,1 op, en 19 november was er nog een naschok met een magnitude van 1,0. De aardbevingen zijn in detail onderzocht en de resultaten hiervan gepubliceerd in een rapport.
Lees meer over de aardbeving in Zeerijp in dit hoofdstuk.
Zo had het kunnen gaan. Maar zo ging het niet. Met deze zinnen starten de negen weersextremen die het KNMI publiceerde op 12 december in Een Extreem Rapport. Weersextremen die grote impact kunnen hebben op de maatschappij. Natuurbranden en de inzet van de brandweer, heftige kou en de gevolgen voor de gasvraag of duisterluwte en de impact op de elektriciteitsvoorziening. In dit rapport onderzochten we hoe verschillende weersextremen nu al tot maatschappij-ontwrichtende gevolgen kunnen leiden.
Lees meer over Een Extreem Rapport in dit hoofdstuk.